Categorieën
Automatisering van de boekhouding Belastingaangifte Belastingen & Fiscaal Advies Boekhouding & Administratie Boekhouding op maat Branchegerichte boekhouding Fiscale optimalisatie Groei & strategie Inkomsten- en vennootschapsbelasting Nieuws Omzetbelasting & btw Volledige boekhouding

CijferSalon: minder gedoe, meer grip op je winst

Onlangs vierden we samen met Da Vinci Software de start van CijferSalon. Een samenwerking waarbij de techniek al grotendeels stond, maar de begeleiding ontbrak. Da Vinci ondersteunt ruim 2.000 kappers, schoonheidssalons, nagelstudio’s en pedicures met planning, facturatie en een koppeling met E‑boekhouden. Wat veel ondernemers vervolgens missen, is een boekhouder die meekijkt, uitlegt en adviseert. Precies daar komt CijferAdvies in beeld.

Met CijferSalon zorgen we ervoor dat salons niet alleen hun administratie registreren, maar ook begrijpen. Als administratiekantoor verzorgen wij de volledige boekhouding en fiscale verplichtingen én begeleiden we ondernemers actief bij financiële keuzes. Niet als losse toevoeging, maar als inhoudelijke versterking van wat Da Vinci al mogelijk maakt.

Inhoudsopgave

Wat betekent dit concreet voor jou?

Werk je met Da Vinci en heb je al een E‑boekhouden omgeving? Dan is je administratie technisch vaak goed ingericht. Afspraken worden ingepland, facturen automatisch aangemaakt en doorgezet.

Maar wie helpt je vervolgens bij vragen als:

  • Houd ik genoeg over per stoel of cabine?
  • Kan ik een medewerker aannemen zonder mijn marge onder druk te zetten?
  • Is dit het juiste moment om mijn prijzen te verhogen?
  • Betaal ik niet te veel belasting?

Dat is het verschil tussen registreren en begeleiden.

Kies je voor CijferSalon, dan krijg je een vaste CijferAdviseur die de salonbranche kent. Iemand die periodiek met je om tafel zit, je cijfers uitlegt en samen met jou vooruitkijkt. Wij verwerken niet alleen de administratie, maar bespreken deze ook actief met je.

De rol van CijferAdvies binnen de samenwerking

Binnen Da Vinci is veel geregeld. De software staat sterk en de helpdesk ondersteunt bij technische vragen. Wanneer ondernemers echter inhoudelijke administratieve of fiscale vragen hebben, weten ze dat ze kunnen doorverwijzen naar CijferAdvies.

Wij zijn geen softwareleverancier, maar een administratiekantoor dat mkb‑ondernemers begeleidt. Dat betekent:

Da Vinci zorgt voor de instroom en registratie. CijferAdvies zorgt voor duiding, controle en advies.

Waarom deze samenwerking logisch is

Da Vinci ondersteunt duizenden salons in Nederland. De planning, facturatie en technische koppeling naar E‑boekhouden staan stevig.

Wat ontbrak, was een partij die structureel meedenkt over winst, marge en ondernemersbeslissingen.

CijferAdvies heeft ervaring in de salon‑ en beautybranche. We kennen de combinatie van dienstverlening en productverkoop, de invloed van personeelskosten op rendement en de fiscale aandachtspunten binnen deze sector.

Binnen CijferSalon is de rolverdeling helder:

Da Vinci regelt de planning en facturatie. E‑boekhouden organiseert de administratie. CijferAdvies verzorgt de boekhouding én begeleidt de ondernemer.

Zo wordt niet alleen de administratie verwerkt, maar ook begrepen.

Voor verschillende fases van ondernemerschap

CijferSalon is bedoeld voor zelfstandig werkende kappers, schoonheidsspecialisten en nagelstylisten, maar ook voor salons met personeel of een BV‑structuur.

Afhankelijk van jouw situatie verzorgen wij de volledige administratie of ondersteunen we aanvullend. In alle gevallen staat begeleiding centraal. Je hebt een vaste adviseur die jouw branche begrijpt en actief met je meedenkt.

Meer informatie

Ben je kapper, schoonheidsspecialist of beautyondernemer en wil je weten wat CijferSalon concreet voor jouw bedrijf kan betekenen?

Neem dan contact op met CijferAdvies of informeer bij Da Vinci naar de mogelijkheden. Samen zorgen we ervoor dat je niet alleen je cijfers bijhoudt, maar er ook op kunt sturen.

Categorieën
Branchegerichte boekhouding Groei & strategie Nieuws Volledige boekhouding

Reisbranche 2026: trends en verwachtingen voor ondernemers

2026 wordt voor veel ondernemers binnen de reisbranche een jaar waarin keuzes zichtbaarder worden in de cijfers. Hogere btw op overnachtingen, aanhoudende prijsdruk, veranderend reisgedrag en toenemende administratieve complexiteit werken tegelijk door. Overzicht en samenhang zijn nodig om grip te houden op marge, cashflow en risico’s. De reisbranche is grotendeels hersteld, maar keert niet terug naar het oude normaal. Klanten boeken bewuster, vergelijken intensiever en verwachten flexibiliteit en service als basis. Tegelijk staan kosten en verplichtingen onder druk. Juist daarom verschuift het zwaartepunt in 2026 naar inzicht: begrijpen waar resultaat ontstaat, waar het weglekt en waar bijsturing nodig is.

Inhoudsopgave

Een herstelde markt met andere spelregels

De vraag naar reizen is terug, maar levert minder vanzelfsprekend rendement op. Klantgedrag is veranderd en heeft directe impact op marge en werkdruk. Reizigers boeken gerichter, vergelijken intensiever en verwachten maatwerk. Comfort en beleving winnen terrein, terwijl loyaliteit afneemt. Dat verandert hoe omzet tot stand komt en hoe winstgevend die omzet is.

Voor veel reisbedrijven betekent dit dat groei niet langer automatisch leidt tot een beter resultaat. Dit sluit aan bij een bredere ontwikkeling die we ook in andere sectoren zien, zoals beschreven in het artikel over hoe groei in het mkb werkt. Het verschil zit steeds vaker in de samenstelling van het aanbod, de marge per boeking en de mate waarin processen beheersbaar blijven. De focus verschuift daarmee van volume naar kwaliteit en voorspelbaarheid.

BTW en kostenontwikkeling vragen om vooruitdenken

De btw-verhoging op overnachtingen vergroot de druk op prijzen en marges. In 2026 wordt het lastiger om kosten volledig door te berekenen, terwijl contracten en boekingen vaak al vastliggen. Dit maakt vooraf inzicht essentieel.

Neem een veelvoorkomend voorbeeld. Een reisorganisatie verkoopt in 2025 hotelarrangementen voor reizen in 2026, tegen het toen geldende btw-tarief. De verkoopprijs ligt vast, maar de btw-afdracht stijgt. Het verschil komt niet automatisch bij de klant terecht, maar drukt rechtstreeks op de marge. Zonder aanpassing in prijsstelling, voorwaarden of kostprijs wordt een rendabele boeking achteraf een tegenvaller.

Vooruitbetaalde boekingen, vaste prijsafspraken en seizoensgebonden marges maken het noodzakelijk om verder te kijken dan de factuur alleen. Ondernemers die tijdig inzicht hebben in de effecten van prijswijzigingen en kostenstijgingen, kunnen gerichter bijsturen en verrassingen voorkomen.

Duurzaamheid wordt onderdeel van de bedrijfsvoering

Duurzaamheid is in 2026 geen los thema meer, maar onderdeel van de dagelijkse bedrijfsvoering. Klanten, zakelijke opdrachtgevers en subsidieverstrekkers verwachten aantoonbaar beleid. Dat heeft directe financiële gevolgen, ook voor reisbedrijven die duurzaamheid niet als kernactiviteit zien.

In de praktijk werkt dit vaak via meerdere lijnen tegelijk. Zakelijke klanten vragen bijvoorbeeld om inzicht in CO₂‑impact of duurzaam reisbeleid, wat vraagt om registratie en rapportage. Tegelijkertijd stimuleren subsidies investeringen in schonere mobiliteit, efficiëntere vervoerskeuzes of aanpassing van reisconcepten. Die investeringen vragen kapitaal, maar leveren niet altijd direct rendement op.

Voor reisbedrijven raakt duurzaamheid daarmee niet alleen de positionering, maar ook de financiële structuur. De vraag verschuift van ‘doen we hier iets mee?’ naar ‘hoe verwerken we dit in onze investeringen, kosten en prijzen?’. Subsidies, afschrijvingen en terugverdientijden moeten in samenhang worden bekeken om te voorkomen dat goede intenties leiden tot structurele druk op het resultaat.

Digitalisering als basis voor overzicht

Digitalisering bepaalt steeds vaker hoe goed je kunt sturen, omdat het zichtbaar maakt waar resultaat ontstaat en waar het weglekt. In 2026 wordt het verschil groter tussen reisbedrijven die vooral op gevoel werken en bedrijven die hun keuzes onderbouwen met data.

In de praktijk gaat dit niet over ‘meer systemen’, maar over samenhang. Boekingen, inkoopprijzen, commissies, personeelskosten en marketinguitgaven komen samen in de administratie. Pas daar wordt duidelijk welke reizen echt rendabel zijn, welke kanalen veel omzet maar weinig marge opleveren en waar pieken in werkdruk niet terugkomen in het resultaat.

Een goed ingerichte administratie vormt daarmee de basis voor overzicht. Niet als verplichting achteraf, maar als instrument om trends te herkennen, afwijkingen tijdig te signaleren en keuzes te onderbouwen. Dat maakt besluitvorming minder afhankelijk van aannames en geeft ondernemers meer rust in een markt die steeds sneller beweegt.

Flexibiliteit vraagt om beheersing

Flexibele voorwaarden zijn in 2026 geen extra service meer, maar een basisverwachting. Een omboeking, kosteloze annulering of ruime garanties vergroten de aantrekkelijkheid voor de klant, maar brengen structurele kosten en risico’s met zich mee die niet altijd direct zichtbaar zijn in de omzet.

In de praktijk werkt dit vaak sluipenderwijs. Een boeking die wordt omgeboekt of geannuleerd, levert extra handelingen op, hogere personeelskosten en soms onbenutte inkoop. Daarnaast schuift omzet in de tijd op, terwijl vaste kosten doorlopen. Wanneer dit structureel gebeurt, drukt flexibiliteit niet één keer, maar voortdurend op marge en liquiditeit.

In 2026 wordt het daarom belangrijker om deze effecten inzichtelijk te maken. Niet om flexibiliteit te beperken, maar om te begrijpen wat zij kost en hoe die kosten worden opgevangen in prijsstelling, voorwaarden en reserveringen. Alleen dan blijft flexibiliteit werkbaar zonder dat de grip op de cijfers geleidelijk verdwijnt.

Zakelijk reizen in een nieuwe vorm

Zakelijk reizen groeit weer, maar kent in 2026 andere kenmerken dan voorheen. Reizen zijn korter, doelgerichter en sterker gekoppeld aan een concreet resultaat. Budgetten worden kritischer beoordeeld en opdrachtgevers verwachten transparantie over kosten en toegevoegde waarde.

In de praktijk betekent dit dat het zakelijke segment andere eisen stelt aan reisbedrijven. Marges zijn vaak kleiner per reis, maar het volume is stabieler en minder seizoengevoelig. Tegelijk vraagt dit om strakkere afspraken, duidelijke kostprijsberekeningen en inzicht in indirecte kosten zoals organisatie, begeleiding en nazorg.

Voor reisbedrijven kan zakelijk reizen daarmee bijdragen aan stabiliteit en spreiding, mits het goed is ingebed in de financiële en administratieve structuur. Alleen wanneer inzicht bestaat in opbrengst, kosten en inzet per opdracht, blijft dit segment structureel rendabel.

Vooruitkijken met samenhang

Wat reisbureaus in 2026 ervaren, is geen reeks losse veranderingen, maar een stapeling van ontwikkelingen die tegelijk doorwerken. Kosten stijgen, marges worden gevoeliger, klanten verwachten meer flexibiliteit en regelgeving grijpt direct in op bestaande afspraken. Dat betekent dat een groeiend aantal boekingen niet automatisch leidt tot meer rust of betere resultaten voor het reisbureau.

Deze signalen sluiten aan bij bredere trends die ook door brancheorganisaties worden benoemd. Zo wijst onder andere de ANVR in haar vakantietrends voor 2026 erop dat Nederlanders vaker reizen, bewuster kiezen en hogere verwachtingen hebben van hun vakantie. Dat bevestigt het beeld van veranderend klantgedrag en toenemende druk op service, flexibiliteit en voorspelbaarheid in de bedrijfsvoering van reisorganisaties.

In de praktijk vraagt dit om andere aandachtspunten dan voorheen. Niet alleen kijken naar omzet, maar naar samenstelling en timing. Niet alleen naar boekingen, maar naar wat ze onder de streep bijdragen. En niet pas bij de jaarafsluiting, maar gedurende het jaar inzicht hebben in afwijkingen en trends.

Reisbureaus die hier rekening mee houden, richten hun administratie zo in dat ze sneller zien wat er gebeurt. Waar druk ontstaat op marge of liquiditeit. Welke keuzes effect hebben en welke vooral werk opleveren. Dat maakt het mogelijk om bij te sturen terwijl het jaar nog loopt, in plaats van achteraf vast te stellen wat er is gebeurd.

Wie daarbij zoekt naar een administratiekantoor dat ervaring heeft met reisbureaus, btw-structuren en seizoensdynamiek, vindt op onze branchepagina een overzicht van hoe CijferAdvies reisbedrijven ondersteunt.

Categorieën
Bedrijfskundige analyse Duurzaam ondernemen & subsidies Fiscale optimalisatie Fiscale tips & valkuilen Groei & strategie Herstructurering & reorganisatie Nieuws Ondernemerscoaching Rechtsvorm kiezen of wijzigen Rechtsvorm van je bedrijf Startersbegeleiding Subsidieadvies Volledige boekhouding

Hoe groei in het mkb werkt: verwachtingen, spanningen en fases

Groei in het mkb voelt zelden als vooruitgang op het moment dat het gebeurt. Je omzet neemt toe, je agenda loopt voller en toch voelt het alsof er minder ruimte is dan daarvoor. Niet één groot probleem, maar een reeks kleine signalen die samen iets vertellen. Betalingen die zwaarder voelen dan verwacht. Beslissingen die je uitstelt, terwijl het jaar goed was. Een gevoel van druk waar je vooraf juist meer lucht had verwacht.

Dat ongemak is geen teken dat er iets misgaat. Het is een aanwijzing dat groei zich anders gedraagt dan je intuïtie voorspelt. In het mkb werkt groei niet lineair, niet direct en zelden zonder frictie. Wie begrijpt hoe groei zich ontwikkelt, kijkt anders naar cijfers, keuzes en tempo. Niet om te sturen, maar om te begrijpen wat er gebeurt voordat groei daadwerkelijk ruimte geeft.

Inhoudsopgave

Groei verloopt niet gelijkmatig, maar in sprongen

Veel ondernemers denken over groei in percentages. Tien procent meer omzet voelt overzichtelijk en beheersbaar, alsof het bedrijf in hetzelfde tempo doorgroeit. In de praktijk werkt het anders. Omzet groeit vaak geleidelijk, maar kosten doen dat zelden. Die komen in stappen: een extra medewerker, een grotere locatie, meer ondersteuning. Tegelijk groeit de complexiteit sneller dan beide. Meer klanten betekent meer variatie, meer uitzonderingen en meer afstemming.

Dit patroon zie je ook terug in landelijke cijfers over het mkb, waaruit blijkt dat bedrijven wel omzetgroei realiseren, maar moeite hebben om structureel door te groeien in productiviteit en schaal (bron: CBS – Bedrijven in het mkb groeien beperkt). Groei voelt daardoor zwaarder dan verwacht. Niet omdat je inefficiënt werkt, maar omdat de vorm van groei anders is dan de cijfers suggereren. Het effect van groei is ongelijk verdeeld in tijd, aandacht en geld, en daardoor lastig te voorspellen op gevoel alleen.

Groei werkt altijd met vertraging

Beslissingen die je vandaag neemt, hebben zelden direct hun effect. Kosten zijn zichtbaar op het moment dat je ze maakt. De opbrengsten volgen later. Nieuwe mensen zijn niet meteen productief. Processen lopen pas na verloop van tijd soepeler. Ook klanten reageren op schaalvergroting: facturatie, betalingstermijnen en verwachtingen veranderen mee.

Die vertraging zorgt ervoor dat groei vaak eerst aanvoelt als achteruitgang. Je investeert tijd, geld en aandacht, terwijl de ruimte nog uitblijft. Dat is geen fout in de uitvoering, maar een vast kenmerk van groei. Juist daarom wordt vooruitkijken belangrijk zodra een bedrijf een bepaalde omvang bereikt. Niet om zekerheid te creëren, maar om tijd en spanning zichtbaar te maken. Wie dat wil verdiepen, herkent hier de reden waarom werken met financiële prognoses vaak meer zegt over timing dan over voorspellen.

Groei vergroot wat er al was

Groei creëert zelden nieuwe problemen. Het vergroot bestaande eigenschappen. Dunne marges worden voelbaar. Handmatige werkwijzen worden kwetsbaar. Afhankelijkheid van één persoon wordt een risico. Wat eerder werkbaar was, komt onder spanning te staan.

Dat is de reden dat groei vaak samenvalt met twijfel. Niet omdat je het verkeerd doet, maar omdat de schaal verandert. In de praktijk zie je dit terug in situaties waarin winst wel zichtbaar is, maar ruimte ontbreekt. Dat mechanisme wordt vaak aangeduid als schijnwinst: een logisch gevolg van groei die bestaande verhoudingen uitvergroot, zoals verder uitgewerkt in het artikel over schijnwinst in het mkb.

Groei vraagt eerst draagkracht voordat het ruimte oplevert

Elke groeifase vraagt een investering die je niet altijd direct terugziet in opbrengst. Extra omzet vraagt voorfinanciering. Meer klanten vragen aandacht. Meer mensen vragen begeleiding. Tegelijk neemt het aantal fouten en correcties tijdelijk toe, simpelweg omdat systemen en routines nog moeten meebewegen.

Dat verklaart waarom groei vaak krap voelt voordat het lucht geeft. Niet omdat de groei verkeerd is, maar omdat het bedrijf eerst moet leren dragen wat erbij komt. Wie alleen kijkt naar het eindresultaat, mist deze tussenfase. Wie begrijpt dat groei eerst ruimte kost, kan realistischere verwachtingen vormen over tempo en draagkracht.

Elke groeifase in het mkb kent een eigen breekpunt

Wat je hier heeft gebracht, is zelden wat je verder brengt. Werkwijzen die goed passen bij een klein team, lopen vast zodra het groter wordt. Beslissingen die je op gevoel kon nemen, vragen ineens afstemming. Overzicht verandert in afhankelijkheid. Dat voelt vaak alsof het probleem ineens ontstaat, terwijl het in werkelijkheid het gevolg is van een overgang naar een volgende fase.

Die breekpunten zijn geen falen, maar structurele momenten waarop groei van karakter verandert. De vragen die je bedrijf stelt, verschuiven. Van doen naar organiseren. Van overzicht naar afspraken. Van impliciete kennis naar overdraagbaarheid. In het artikel over hoe een bedrijf succesvol groeit worden deze groeifases verder uitgediept en herkenbaar gemaakt, juist om te laten zien dat zulke overgangen bij groei horen en voorspelbaar zijn.

In groei veranderen cijfers van terugblik naar signaal

In een stabiele fase laten cijfers vooral zien wat er is gebeurd. In groei krijgen ze een andere functie. Ze worden signalen die laten zien waar spanning ontstaat. Niet om te beoordelen, maar om te begrijpen.

Het gaat dan minder om het eindresultaat en meer om de verhoudingen eronder. Waar zit vertraging? Waar groeit de complexiteit sneller dan de opbrengst? Waar schuift ruimte langzaam dicht? Ondernemers die hier scherper op willen letten, ontdekken dat sturen op cijfers vooral betekent dat je leert zien wat er onder de oppervlakte gebeurt.

Waarom groei juist goed georganiseerde ondernemers verrast

De spanning van groei treft zelden de ondernemer die alles laat liggen. Ze treft juist degene die levert, bijstuurt en verantwoordelijkheid neemt. Groei ontstaat daar vaak op kwaliteit. En precies dat maakt de overgang lastig zichtbaar.

Klanten zijn tevreden. Het team werkt door. Jij vangt veel op. Daardoor merk je de grens laat. Tot het moment dat het systeem het niet meer vanzelf draagt en je voelt dat de manier waarop je altijd werkte, niet meer past bij de omvang van je bedrijf.

Begrijpen hoe groei werkt, verandert hoe je kijkt

Zodra je begrijpt dat groei vaste eigenschappen heeft, wordt het minder persoonlijk. Het ongemak krijgt context. De twijfel krijgt een verklaring. Groei blijkt geen beloning, maar een overgang naar een ander spel.

Cijfers blijven daarbij een hulpmiddel. Geen conclusie, maar richtingaanwijzers. Wie dat kader eenmaal ziet, kan betere keuzes maken over tempo, richting en draagkracht. Niet door harder te werken, maar door anders te kijken.

Bronnen en context

Categorieën
Bedrijfskundige analyse Duurzaam ondernemen & subsidies Fiscale optimalisatie Fiscale tips & valkuilen Groei & strategie Herstructurering & reorganisatie Nieuws Ondernemerscoaching Rechtsvorm kiezen of wijzigen Rechtsvorm van je bedrijf Startersbegeleiding Subsidieadvies Volledige boekhouding

Wat betekent zzp’en in 2026 nog?

Over keuzes, risico’s en structuur in een zzp-model dat niet meer vanzelfsprekend is

Zzp’en in 2026 is nog steeds mogelijk. Alleen: het is minder vanzelfsprekend voordelig, zorgeloos of simpel. Voor sommige ondernemers blijft het zzp-model logisch. Voor anderen begint het te wringen. Niet omdat ze minder goed ondernemen, maar omdat de spelregels zijn veranderd.

Fiscale voordelen zijn in hoog tempo afgebouwd. Wetgeving rond arbeidsrelaties wordt minder gedoogd en strakker gehandhaafd. En risico’s die vroeger impliciet waren, liggen nu explicieter bij jou. De korte conclusie is simpel: zzp’en in 2026 vraagt meer samenhang tussen hoe je werkt, hoe je geld verdient en hoe je risico’s draagt.

Wie hier landt, zoekt meestal geen snelle ja of nee, maar helderheid. Helderheid over wanneer zzp’en nog logisch is, waar het schuurt, welke risico’s structureel zijn en waarom de vraag ‘moet ik iets anders?’ steeds vaker opkomt. Wat volgt is geen betoog en geen stappenplan, maar een analyse die zichtbaar maakt waarom het oude vanzelfsprekende zzp-model steeds minder vanzelfsprekend is.

Inhoudsopgave

Het oude zzp-gevoel was een simpel ruilmodel

Dat gevoel was niet naïef of verkeerd. Het paste bij de context van toen en werkte zolang de randvoorwaarden meebewogen.

Lang voelde zzp’en overzichtelijk. Je ruilt tijd en expertise voor een tarief. De administratie volgt vanzelf. De belastingdruk is te voorspellen. En als het druk is, voelt dat als controle.

Dat ruilmodel werkte goed in een periode waarin zelfstandigheid vooral werd beoordeeld op intentie. Wie zichzelf ondernemer vond en zich zo gedroeg, werd ook zo behandeld. De fiscale regels sloten daarbij aan. Minder vaste lasten dan loondienst, een duidelijk ondernemersregime en relatief weinig discussie over de vorm.

In 2026 werkt dit model nog steeds, maar niet meer automatisch. Zelfstandigheid wordt minder gevoeld en meer getoetst. Niet alleen door de Belastingdienst, maar ook door opdrachtgevers, banken en verzekeraars. Het tarief moet daardoor méér dragen dan alleen de uren. Het moet ruimte bieden voor risico, onzekerheid en onderbouwing.

Juist door zelfstandig werken van toen naast dat van nu te leggen, wordt duidelijk waarom dit kantelpunt nu zo voelbaar is.

Winst voelt anders nu de fiscale onderlaag verandert

De zelfstandigenaftrek is in korte tijd veranderd van een substantiële steunpilaar naar een relatief klein bedrag. In combinatie met vaste belastingtarieven betekent dit dat dezelfde omzet en winst in 2026 netto minder opleveren dan in eerdere jaren.

Dat effect wordt vaak pas laat zichtbaar. Niet in de boekhouding, maar in de beleving. Een jaar dat inhoudelijk goed voelt, levert minder ruimte op dan verwacht. Niet omdat de cijfers onjuist zijn, maar omdat de fiscale onderlaag waarop jarenlang is gestuurd, structureel is veranderd.

Dit raakt niet alleen uitzonderlijk hoge winsten, maar juist ook de zogenoemde goede middenjaren: jaren waarin alles klopt, maar de financiële ruimte toch dunner aanvoelt dan vroeger.

Wat hier vaak door elkaar loopt, is winst en liquiditeit. Dat onderscheid bepaalt in 2026 steeds vaker of een jaar als ‘goed’ of ‘krap’ wordt ervaren. Winst zegt iets over resultaat, maar niet over hoeveel geld er daadwerkelijk beschikbaar is om keuzes te maken. Belastingen, privé-opnames en reserveringen drukken op dezelfde winst, waardoor het gevoel van ruimte sneller verdampt.

Daardoor ontstaat een nieuw spanningsveld. Tarieven die jarenlang logisch waren, blijken ineens krap. Extra uren maken voelt als de enige oplossing, terwijl het probleem niet in productiviteit zit, maar in de manier waarop winst wordt verdeeld over belasting, privé en toekomst.

Wie dit verder doorgrondt, ziet hoe het onderscheid tussen winst en ruimte door fiscale wijzigingen steeds bepalender is geworden.

Wanneer cijfers volgen, maar niet meer sturen

Veel zzp’ers hebben hun administratie goed op orde. De cijfers kloppen. De aangiftes zijn op tijd. Toch voelt het steeds vaker alsof beslissingen worden genomen vóórdat de cijfers iets zeggen.

Dat komt omdat de meeste administraties zijn ingericht op verantwoording, niet op sturing. Ze laten zien wat er is gebeurd, maar niet wat er aankomt. In een omgeving met afnemende fiscale ruimte en toenemende risico’s is dat steeds minder voldoende.

Keuzes over tarief, investeren, reserveren of samenwerken worden dan gemaakt op gevoel. De cijfers volgen achteraf en bevestigen hooguit dat het krapper of spannender is geworden.

Juist in 2026 maakt dat verschil. Wie pas bij de aangifte ziet hoeveel ruimte er werkelijk was, is te laat om bij te sturen. Niet omdat de administratie tekortschiet, maar omdat de informatie niet wordt gebruikt als richtinggevend instrument.

Daarmee verschuift de aandacht van meer vastleggen naar scherper kijken naar wat dezelfde cijfers zeggen.

Wanneer tijd nog steeds je belangrijkste product is

Er zijn alternatieven die dit patroon kunnen doorbreken, zonder dat meteen schaal, personeel of een ‘groter bedrijf’ nodig is. Niet als oplossing, maar als andere manier om naar waarde en beloning te kijken.

Veel zzp‑modellen leunen nog altijd op één kern: tijd ruilen voor geld. Dat werkt zolang inzet, energie en beschikbaarheid vanzelfsprekend zijn.

In 2026 schuurt dit model vaker. Niet alleen omdat het fysiek of mentaal begrenst, maar omdat steeds meer verplichtingen op dezelfde uren drukken. Verzekeren, pensioen, buffers en belasting moeten allemaal worden gefinancierd uit dezelfde inzet.

Daardoor ontstaat afhankelijkheid. Niet alleen van opdrachtgevers, maar van het eigen werkvermogen. Groei betekent vaak: meer werken of duurder worden. Uitval betekent: direct inkomensverlies.

Dat maakt het verdienmodel zelf een strategisch onderwerp. Niet iedereen hoeft te schalen of te veranderen. Maar wie uitsluitend leunt op tijd, merkt dat flexibiliteit en zekerheid steeds lastiger te combineren zijn.

Hier wordt zichtbaar waarom het verdienmodel zelf steeds vaker onderwerp van gesprek wordt.

Wanneer langdurig samenwerken onder druk komt te staan

Sinds de herstart van de handhaving op schijnzelfstandigheid kijken opdrachtgevers anders naar inhuur. Niet vanuit wantrouwen, maar vanuit risicobeheersing. De juridische en fiscale gevolgen van een verkeerde kwalificatie liggen primair bij hen.

Die verantwoordelijkheid vertaalt zich niet alleen in contracten, maar in gedrag. Opdrachtgevers stellen meer vragen vooraf. Ze willen weten hoe zelfstandig je werkt, hoe vervangbaarheid is geregeld en hoe de opdracht zich verhoudt tot hun eigen organisatie.

Juist langdurige samenwerking wordt daardoor gevoeliger. Wat jarenlang stabiliteit gaf, kan nu vragen oproepen. Vaste dagen, structurele aanwezigheid en inhoudelijke aansturing schuiven langzaam richting een profiel dat juridisch lastiger te verdedigen is.

Voor de zzp’er raakt dit direct aan strategie en positionering. Lang bij één opdrachtgever werken voelt veilig, maar vergroot tegelijkertijd de afhankelijkheid. Meer spreiding geeft juridische rust, maar vraagt om commerciële inspanning en onzekerheid.

Die afweging is niet nieuw. Maar zelfstandig werken is veranderd, en de is toetsing scherper geworden. Juist in de praktijk wordt hier duidelijk waar langdurige samenwerking schuurt.

Een BV lost geen verkeerde arbeidsrelatie op

De gedachte om over te stappen naar een BV ontstaat vaak op momenten van onzekerheid of groei, juist op het snijvlak van fiscale druk, langdurige samenwerking en toenemende onzekerheid. Alsof een andere rechtsvorm automatisch meer duidelijkheid of veiligheid biedt.

In de praktijk verandert een BV niets aan de feitelijke manier van werken. Als de samenwerking inhoudelijk kenmerken van loondienst heeft, blijft die kwalificatie bestaan. De vorm van de onderneming verandert dat niet.

Dat maakt de discussie ongemakkelijk, maar ook essentieel. De kernvraag ligt niet bij de rechtsvorm, maar bij de inrichting van het werk en de verdeling van risico’s.

Dat verklaart waarom een BV in sommige situaties rust brengt en in andere juist niets oplost.

Verzekeren voelt verplicht voordat het dat is

Verzekeren voelt in 2026 voor veel zzp’ers niet langer als een vrijblijvende keuze. Ook zonder formele verplichting wordt verzekerbaarheid steeds vaker gezien als onderdeel van professioneel ondernemerschap, door opdrachtgevers, financiers en ondernemers zelf.

Niet verzekeren is daarbij óók een keuze, zolang die bewust wordt gemaakt en past bij de draagkracht van de onderneming en het privé‑inkomen.

De kwetsbaarheid van één langdurige uitval wordt zichtbaarder naarmate het inkomen stijgt en de onderneming afhankelijker wordt van de persoon. Zeker bij zzp’ers die hun inkomen vrijwel volledig uit eigen inzet halen, is het risico geconcentreerd. Eén ongeluk, ziekte of langdurige uitval raakt direct zowel privé als onderneming.

In 2026 is een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers nog geen feit, maar de richting is duidelijk en wordt steeds concreter. Het maatschappelijke en politieke uitgangspunt is dat zelfstandigen meer verantwoordelijkheid dragen voor hun eigen inkomenszekerheid. Die beweging zie je nu al terug in gesprekken met opdrachtgevers en in financieringsaanvragen.

De afweging rond verzekeren gaat daardoor zelden alleen over de premie. Het gaat over draagkracht. Over de vraag welk risico je zelf kunt en wilt dragen, en welk risico de onderneming simpelweg niet kan opvangen zonder structurele schade.

Veel zzp’ers lossen dit gedeeltelijk op met buffers. Dat werkt, zolang die buffers realistisch zijn in verhouding tot mogelijke uitval. Een buffer van enkele maanden voelt geruststellend, maar biedt weinig bescherming bij langdurige arbeidsongeschiktheid.

Verzekeren, reserveren en accepteren dat niet elk risico volledig af te dekken is, vormen in 2026 steeds vaker een samenhangend geheel. Niet als verplicht nummer, maar als onderdeel van hoe je je ondernemerschap duurzaam inricht.

De kern verschuift daarmee van wel of niet verzekeren naar de manier waarop inkomensrisico’s structureel worden gedragen.

Pensioen is geen bijzaak meer, maar onderdeel van je verdienmodel

Dit raakt direct je ruimte, je keuzes en je toekomst als zelfstandige.

Waar pensioen voor veel zzp’ers jarenlang iets was voor ‘later’, dwingt de huidige context tot een andere kijk. Minder fiscale voordelen, meer eigen risico en langere loopbanen maken pensioen onderdeel van het ondernemingsmodel zelf.

In loondienst is pensioen een automatische afslag. Als zelfstandige moet je die keuze zelf maken, én zelf financieren. Dat betekent dat pensioenopbouw direct concurreert met privé-opnames, buffers en investeringen. Juist daardoor blijft pensioen bij veel zzp’ers impliciet: niet omdat het onbelangrijk is, maar omdat het schuurt met de dagelijkse geldstroom.

De fiscale ruimte om pensioen op te bouwen is er nog steeds, maar vraagt meer regie dan voorheen. De oudedagsreserve (FOR) is voor nieuwe opbouw afgeschaft, maar bestaande FOR-standen mogen worden afgewikkeld. Dat vraagt om bewuste keuzes: afstorten, omzetten of laten staan tot staking.

Daarnaast is er de fiscale jaarruimte. Wie aantoonbaar te weinig pensioen opbouwt, mag jaarlijks een bedrag fiscaal aftrekbaar storten in een lijfrente of bankspaarproduct. Onbenutte ruimte uit eerdere jaren kan via de reserveringsruimte alsnog worden ingehaald. Daarmee is pensioenopbouw geen alles-of-niets-beslissing, maar iets dat meebeweegt met winst en levensfase.

In de praktijk zie je dat zzp’ers die pensioen los blijven zien van hun ondernemingsstructuur later vastlopen. Niet omdat ze te weinig verdienen, maar omdat geld steeds wordt beoordeeld op directe beschikbaarheid in plaats van op lange termijn functie.

Daar wordt zichtbaar hoe FOR, jaarruimte en pensioenopbouw onderdeel worden van de bredere financiële inrichting.

Subsidies en regelingen voelen versnipperd, maar raken wel je ruimte

Subsidies werken vrijwel altijd vooraf. Ze beïnvloeden keuzes vóórdat je investeert, niet als correctie achteraf.

Voor veel zelfstandigen voelt het subsidielandschap versnipperd en onoverzichtelijk. Regelingen wisselen, voorwaarden veranderen en de administratieve drempel lijkt hoog. Daardoor verdwijnen subsidies al snel uit beeld, zeker bij zzp’ers die hun focus vooral op omzet en opdrachten hebben liggen.

Toch spelen subsidies en fiscale regelingen ook in 2026 een duidelijke rol in de ruimte die je als ondernemer ervaart. Niet als structurele inkomstenbron, maar als manier om investeringen mogelijk te maken op momenten dat de kasstroom daar eigenlijk nog geen ruimte voor voelt.

Denk bijvoorbeeld aan innovatie, ontwikkeling of verduurzaming. Regelingen zoals de WBSO kunnen een deel van de ontwikkelkosten compenseren, maar alleen als je vooraf inzichtelijk maakt waar tijd en geld naartoe gaan. Dat vraagt geen extra ondernemerschap, maar wel een andere manier van kijken naar je uren en activiteiten.

Ook investeringsaftrekken spelen hierin mee. Niet als bonus achteraf, maar als factor die bepaalt of een investering nú logisch is of beter kan wachten. Wie dat pas bij de aangifte bekijkt, mist vaak het strategische effect.

Het gevolg van subsidies structureel negeren is zelden dat je direct ‘geld laat liggen’. Vaker betekent het dat investeringen worden uitgesteld, kleiner worden uitgevoerd of helemaal niet plaatsvinden. En juist dat beïnvloedt groei, tariefontwikkeling en toekomstbestendigheid.

Dat laat zien waarom subsidies vooral vooraf richting geven en zelden achteraf iets repareren.

De kleineondernemersregeling is eenvoud, maar niet altijd voordelig

De kleineondernemersregeling (KOR) wordt vaak gekozen vanuit een begrijpelijke wens: rust en overzicht. Geen btw‑aangiftes, minder administratieve handelingen en het gevoel dat de onderneming eenvoudiger wordt.

In 2026 is die eenvoud echter zelden gratis. Wie deelneemt aan de KOR brengt geen btw meer in rekening, maar kan ook geen btw meer terugvragen. Dat lijkt overzichtelijk zolang investeringen beperkt blijven en de kostenstructuur stabiel is.

De spanning ontstaat op het moment dat de onderneming beweegt. Bij grotere investeringen, groei in omzet of een verandering in opdrachtgevers. Btw wordt dan ineens een kostenpost in plaats van een doorlopende post. Dat effect zie je niet direct in de winst, maar wel in liquiditeit en investeringsruimte.

Daar komt bij dat de KOR geen flexibele regeling is. De keuze werkt door over meerdere jaren. Dat betekent dat een beslissing die vandaag rust geeft, later kan knellen wanneer de onderneming sneller groeit dan verwacht of wanneer het model verandert.

Voor veel zzp’ers is de KOR daardoor geen puur administratieve keuze, maar een strategische. Niet de vraag of het mag, maar of het past bij waar de onderneming naartoe beweegt.

Het effect van de KOR wordt vooral zichtbaar wanneer je haar afzet tegen investeringen, btw‑positie en groeiplannen.

De BV-vraag gaat over structuur, niet over een snelle belastingwinst

De vraag of een BV fiscaal voordeliger is, wordt vaak als eerste gesteld. Zeker wanneer winst stijgt en het gevoel ontstaat dat er ‘te veel’ belasting wordt betaald. In 2026 is die vraag zelden los te zien van twee andere onderwerpen: de arbeidsrelatie en de functie van winst.

Een BV verandert niets aan de beoordeling van zelfstandigheid. Als de samenwerking inhoudelijk kenmerken van loondienst heeft, blijft die kwalificatie bestaan. De rechtsvorm biedt dan geen bescherming. De praktijk van werken weegt zwaarder dan de juridische jas.

Daarnaast verschuift in een BV de betekenis van winst. Winst is niet automatisch privé besteedbaar. Een deel wordt loon, een deel blijft in de onderneming. Dat vraagt om een andere manier van kijken naar geld: minder als inkomen, meer als bouwsteen.

Voor ondernemers die hun winst grotendeels nodig hebben voor privé-uitgaven voelt die structuur vaak beperkend. Voor ondernemers die ruimte willen opbouwen, risico’s willen scheiden of investeren in groei, kan juist rust ontstaan.

De BV is daarmee geen fiscale truc, maar een bewuste structuurkeuze. Ze dwingt tot nadenken over waar geld voor dient, hoe risico’s worden gedragen en hoe toekomstgericht de onderneming is ingericht.

Het verschil zit daarmee minder in belastingpercentages en meer in de functie die geld vervult binnen de onderneming.

Een zzp-profiel maakt zichtbaar waar het schuurt

Dit is één veelvoorkomend profiel. Niet dé zzp’er, maar een praktijkvoorbeeld dat laat zien waar spanningen samenkomen.

Stel je een zelfstandige voor die al jaren goed draait. Geen starter, geen twijfelaar. Iemand met ervaring, vaste opdrachtgevers en een duidelijk vak. Deze zzp’er werkt projectmatig, maar vaak langdurig bij dezelfde organisaties. De omzet is stabiel. De administratie op orde. Er is geen gevoel van chaos, maar ook geen gevoel van ruimte.

De cijfers in 2026 zien er ongeveer zo uit:

– omzet rond de €140.000 – zakelijke kosten van ongeveer €25.000 – winst vóór belasting van ongeveer €115.000

Op papier is dit een gezond profiel. De ondernemer voldoet aan het urencriterium, heeft geen schulden en ziet zijn winst jaar op jaar stijgen.

Toch ontstaat hier frictie.

De zelfstandigenaftrek is inmiddels beperkt. Daardoor levert deze winst netto minder op dan enkele jaren geleden. Dat verschil voelt niet als een correctie, maar als een tegenvaller, juist omdat het werk en de inzet gelijk zijn gebleven.

Tegelijk is deze zzp’er voor het grootste deel van zijn inkomen afhankelijk van één of twee opdrachtgevers. Dat was jarenlang geen probleem. Het zorgde voor continuïteit en rust. In 2026 wordt diezelfde continuïteit ineens een aandachtspunt in gesprekken over zelfstandigheid en risico.

Pensioenopbouw gebeurt ad hoc. Er wordt wel eens ingelegd, maar alleen in goede jaren. Niet structureel. Verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid is overwogen, maar steeds vooruitgeschoven. Niet uit onwil, maar omdat het lastig voelt om vaste lasten toe te voegen zolang alles leunt op persoonlijke inzet.

De kleineondernemersregeling is niet van toepassing, omdat de omzet daar ruim boven ligt. Btw-afdracht is routine geworden, maar bij grotere investeringen wordt steeds vaker gerekend: nu investeren betekent minder liquiditeit, later investeren voelt veiliger.

En dan komt de vraag op tafel of een BV ‘niet handiger’ zou zijn.

Niet omdat er een concreet probleem is, maar omdat meerdere spanningen samenkomen: winst voelt minder vrij besteedbaar, de afhankelijkheid van opdrachtgevers wordt kwetsbaarder en de toekomst vraagt om meer structuur dan het huidige model vanzelf biedt.

In dit profiel zit niets uitzonderlijks. Geen fouten. Geen verkeerde keuzes.

Het laat vooral zien waar zzp’en in 2026 vaak schuurt: niet in de cijfers zelf, maar in de aannames die jarenlang logisch waren en dat nu niet meer automatisch zijn.

Waarom juist goed georganiseerde ondernemers vastlopen

Veel zzp’ers zijn beter geworden in omzet maken dan in financiële architectuur. Ze sturen op resultaat, maar niet op ruimte. Dat is niet gek. In een goed lopende praktijk is er altijd iets urgenter dan ‘later’ organiseren.

Dan ontstaan zinnen als: ik verdien goed, maar ik voel geen vrijheid. Of: ik werk zelfstandig, maar ik ben afhankelijker dan ooit. Niet omdat het slecht gaat, maar omdat het model te veel leunt op één persoon en één ritme.

Wanneer het weer klopt

Zzp’en in 2026 vraagt geen andere ambitie, maar een andere blik. Niet automatisch blijven doen wat ooit logisch was, maar bewust kijken naar hoe werk, risico en geld zich tot elkaar verhouden.

Soms betekent dat: scherper kiezen in opdrachten en looptijd. Soms: een tarief dat niet alleen je uren, maar ook je risico’s en toekomst financiert. Soms: meer structuur rond buffers, verzekeren en pensioen. En soms: een rechtsvorm die past bij wat je aan het bouwen bent.

Dan worden cijfers weer wat ze moeten zijn: geen oordeel achteraf, maar richting voor vooruit.

En soms betekent dat ook dat je niets hoeft te veranderen. Zolang de keuzes die je maakt bewust zijn en passen bij waar je naartoe wilt.

Categorieën
Fiscale tips & valkuilen Nieuws Salarisadministratie

Loonheffingen 2026 Waarom je payroll in december al moet kloppen

Loonheffingen 2026 raken iedere mkb-ondernemer met personeel. Niet pas volgend jaar, maar nu. Wat je in december vastlegt aan contracten, vergoedingen en payrollinstellingen bepaalt of je 2026 start met rust of met herstelwerk.

De Belastingdienst publiceerde de Nieuwsbrief Loonheffingen 2026. Daarin staan wijzigingen die per 1 januari direct doorwerken in je loonadministratie. Denk aan vergoedingen die anders worden beoordeeld, regelingen die strakker worden toegepast en voordelen die alleen gelden als timing en vastlegging kloppen.

Voor jou betekent dit drie dingen. Eén: vaste afspraken worden sneller belast loon als de onderbouwing niet klopt. Twee: loonkostenvoordelen vragen meer discipline in aanvraag en dossiervorming. Drie: internationale en flexibele afspraken staan nadrukkelijker onder toezicht.

Voor dga’s komt daar nog iets bij. Veel afspraken lopen via jou, soms informeel. Juist dan wil je vooraf zeker weten dat wat logisch voelt, administratief ook standhoudt.

Inhoudsopgave

Wat er speelt bij loonheffingen 2026

De Nieuwsbrief Loonheffingen 2026 is het startpunt voor het nieuwe loonjaar. Het document wordt later nog aangevuld, maar de richting is duidelijk. De Belastingdienst scherpt regels aan en legt accenten op onderdelen die in de praktijk vaak fout gaan.

Het gaat onder meer om wijzigingen rond de RVU-regeling, de fietsregeling, extraterritoriale kosten en loonkostenvoordelen. Dat zijn geen details. Het zijn precies de plekken waar afspraken, payroll en administratie uit elkaar kunnen lopen.

Dat gebeurt zelden bewust. Meestal ontstaan fouten omdat personeelsafspraken logisch voelen, maar administratief anders moeten worden vastgelegd.

Loonkosten blijven bewegen

Tegelijkertijd blijft de loonsom onder druk staan. Cao-lonen zijn in 2025 opnieuw gestegen en ook het minimumloon gaat per 1 januari 2026 omhoog.

Die beweging werkt door in salarisschalen, toeslagen en onderhandelingen. Ook als je boven het minimum betaalt. Voor veel mkb-ondernemers betekent dit dat loonkosten structureel een grotere rol spelen in de marge.

Waarom dit belangrijk is voor mkb-ondernemers

Afspraken worden cijfers

In het mkb worden personeelsafspraken vaak pragmatisch gemaakt. Snel schakelen, maatwerk leveren, vertrouwen op de relatie.

Maar elke afspraak eindigt uiteindelijk als een cijfer in de loonadministratie. En dat cijfer moet kloppen volgens de regels van de loonheffingen. Als HR-afspraken niet goed zijn vertaald naar payroll, ontstaat er risico. Dat zie je meestal niet direct, maar wel bij een correctie of controle.

Loonkostenvoordelen vragen timing

Regelingen zoals het loonkostenvoordeel laten zien hoe belangrijk timing is. Instroomdatum, doelgroep en aanvraagmoment moeten precies kloppen. Een kleine afwijking kan betekenen dat het voordeel vervalt, terwijl je er wel op rekende.

Internationale medewerkers vragen onderbouwing

Bij extraterritoriale kosten en expatafspraken kijkt de Belastingdienst nadrukkelijk naar de onderbouwing. Niet alleen wat je vergoedt, maar waarom je dat doet en hoe dit is vastgelegd.

Zonder goed dossier moet je achteraf reconstrueren. Dat kost tijd, leidt tot discussie en zorgt zelden voor een beter resultaat.

Wat je nu kunt doen

Maak het concreet. Dit zijn stappen die je als ondernemer deze maand al kunt zetten.

Begin met een overzicht van alle personeelsafspraken die doorlopen naar 2026. Pak arbeidscontracten, vaste vergoedingen en aanvullende afspraken erbij en leg ze naast de payrollinstellingen. Klopt wat is afgesproken ook met wat wordt verloond?

Kijk daarna specifiek naar vaste vergoedingen. Vraag jezelf per vergoeding af waarom deze wordt uitgekeerd en waar de onderbouwing ligt. Is die nog actueel, of gebaseerd op aannames van een paar jaar geleden?

Bepaal vervolgens wie binnen je organisatie verantwoordelijk is voor wijzigingen. Niet alleen voor het afspreken ervan, maar ook voor de verwerking. Eén eigenaar voorkomt dat HR, payroll en administratie langs elkaar heen werken.

Sluit af met een korte check op regelingen en voordelen die in 2026 wijzigen. Welke medewerkers vallen hieronder en wat betekent dat financieel? Dan weet je vooraf waar bijsturen nodig is, in plaats van achteraf corrigeren.

Zo start je 2026 met rust in je loonadministratie

Wij kijken niet alleen naar de loonstrook, maar juist naar de afspraken erachter. Daar ontstaat het verschil tussen een soepele verwerking en herstelwerk achteraf.

Samen met JiglerHR zorgen we dat HR-afspraken en administratie direct op elkaar aansluiten. JiglerHR borgt contracten, personeelsdossiers en HR-afspraken. Wij vertalen die afspraken naar correcte loonheffingen en een sluitende administratie.

De Nieuwsbrief Loonheffingen 2026 is geen document om te bewaren voor later. Het is een signaal om nu te controleren of alles nog klopt. Wie dit in december goed regelt, start 2026 met rust. En met cijfers die doen wat ze moeten doen.

Categorieën
Boekhouding & Administratie Groei & strategie Ondernemerscoaching Pensioen & nalatenschap

Continuïteit zonder zorgen: wat elke DGA geregeld moet hebben

Je bent de spil van je bedrijf. Alles loopt via jou: beslissingen, betalingen, klantcontact. Maar wat gebeurt er als jij er plotseling niet bent? Een ongeluk, ziekte of burn-out kan je van de ene op de andere dag uit het spel halen. Zonder volmacht of noodprotocol ligt alles stil — de bank, de boekhouding, zelfs de communicatie met klanten. Dit artikel laat zien wat die kwetsbaarheid betekent voor je bedrijf en hoe je voorkomt dat alles om jou draait. Want een gezonde onderneming blijft draaien, ook als jij even niet aan het roer staat.

Inhoudsopgave

De kwetsbaarheid van het mkb en de continuïteit van je bedrijf

In veel mkb-bedrijven is de DGA het middelpunt. Jij houdt de touwtjes strak in handen: klantcontact, contracten, betalingen, beslissingen. Alles loopt via jou. Dat lijkt efficiënt, maar het maakt je bedrijf kwetsbaar. Want als jij wegvalt, stopt vaak alles. Niemand weet precies hoe de processen lopen, wie waar toegang toe heeft of hoe bepaalde beslissingen worden genomen.

Die afhankelijkheid van één persoon kan een kettingreactie veroorzaken. Betalingen worden niet uitgevoerd, leveranciers wachten op goedkeuring, klanten krijgen geen antwoord. Binnen korte tijd tast dat het vertrouwen in je bedrijf aan. Volgens MKB-Nederland is één op de drie ondernemingen sterk afhankelijk van de eigenaar zelf. Als de DGA onverwacht uitvalt, kan dat niet alleen tot financiële schade leiden, maar ook tot een blijvende deuk in de reputatie van het bedrijf.

Wat er gebeurt bij uitval van de DGA

Stel je rijdt naar een afspraak en belandt door pech of een ongeval in het ziekenhuis. Een paar dagen worden een paar weken. Ondertussen wachten betalingen op goedkeuring, blijven offertes liggen en vraagt de bank om een handtekening. Niemand weet de inloggegevens of heeft een volmacht.

Binnen drie maanden kan dat tot dertig procent omzetverlies leiden, niet door gebrek aan klanten maar door stilstand. Projecten lopen vertraging op, medewerkers missen richting en klanten voelen onzekerheid. Wat begon als een tijdelijk probleem groeit uit tot een risico voor de continuïteit van het bedrijf.

Hier komt het belang van vastlegging en digitale toegankelijkheid om de hoek kijken. Denk aan een veilige digitale kluis, zoals Life After Me, waarin wachtwoorden, contracten en belangrijke documenten veilig bewaard kunnen worden. Zo blijft informatie toegankelijk voor wie tijdelijk jouw rol overneemt. Het geeft houvast, voorkomt paniek en zorgt dat het bedrijf kan blijven draaien, ook als jij er even niet bent.

Voorbereiden zonder paniek

Een continuïteitsplan hoeft geen dik rapport te zijn. Het is vooral praktisch en digitaal goed geregeld. Je legt vast wie, wat en wanneer kan handelen als jij dat even niet kunt. CijferAdvies werkt samen met verschillende Associate Partners om ondernemers stap voor stap te begeleiden bij het inrichten van een veilig, toekomstbestendig continuïteitsplan dat past bij de groeifase van hun bedrijf.

  1. Leg een volmacht of noodprotocol vast.

    Wie mag beslissingen nemen als jij er niet bent? Denk aan een compagnon, familielid of accountant. Leg die bevoegdheden juridisch vast bij de notaris en registreer ze bij de Kamer van Koophandel. Zo voorkom je dat betalingen of contractbeslissingen stilvallen.
  2. Documenteer wat anderen moeten weten.

    Zorg dat cruciale informatie veilig en digitaal toegankelijk is. Gebruik een beveiligde digitale kluis, zoals Life After Me, waarin wachtwoorden, klantgegevens, contracten en bedrijfsprocessen goed zijn opgeslagen. Voeg een korte handleiding toe voor de eerste 48 uur na jouw uitval.
  3. Benoem een waarnemer en verdeel verantwoordelijkheden.

    Een goede waarnemer kent de kern van de organisatie. Bespreek samen wie welke taken overneemt en wie contact onderhoudt met medewerkers en klanten. Dit hoort bij het groeien van je bedrijf: je bouwt een structuur die niet leunt op één persoon.
  4. Controleer en verdeel toegang en mandaten.

    Veel banken, softwarepakketten en overheden (zoals de KvK) werken met persoonlijke inlogcodes. Zorg dat minstens één andere persoon gemachtigd is om betalingen of aangiftes te doen. Zo blijft het bedrijf operationeel, ook als jij er even niet bent.
  5. Breng de verantwoordelijkheden in kaart.

    Wie is verantwoordelijk voor financiën, klantbeheer of leveranciers? Maak dit overzicht helder en digitaal beschikbaar. Het biedt inzicht, rust en continuïteit.
  6. Evalueer periodiek.

    Je bedrijf verandert. Nieuwe medewerkers, software of werkwijzen vragen om een update van je plan. CijferAdvies helpt om deze controles op te nemen in je periodieke bedrijfscheck.

Een middag investeren bespaart weken chaos en maakt je bedrijf sterker. Niet alleen veiliger en beter voorbereid, maar ook volwassener.

De rol van CijferAdvies en groei naar zelfstandigheid

Bij CijferAdvies begint onze rol vaak bij de boekhouding, maar daar stopt het niet. Samen met onze Associate Partners begeleiden we ondernemers in alle groeifasen. We helpen ze om hun bedrijf te organiseren op een manier die niet afhankelijk is van één persoon. Dat begint bij inzicht in de cijfers, maar groeit door naar structuur, planning, verzekeringen, HR en financiële strategie. Zo groeit een onderneming uit tot een organisatie die stevig staat, vooruitkijkt en blijft bouwen aan haar toekomst.

We brengen samen in kaart:

  • welke bevoegdheden en rollen belangrijk zijn;
  • hoe digitale en financiële toegang veilig wordt ingericht;
  • wie verantwoordelijk is voor welke processen;
  • hoe administratieve, juridische en HR-zaken actueel en toegankelijk blijven.

Van afhankelijkheid naar groei

Een sterke organisatie groeit niet alleen in omzet, maar ook in onafhankelijkheid. Naarmate je bedrijf volwassen wordt, hoort daar ook bij dat jij niet langer de spil van alles bent. Delegeren, bevoegdheden delen en processen vastleggen zorgen ervoor dat het bedrijf kan blijven draaien, ook zonder jouw dagelijkse aanwezigheid. Continuïteit en groei horen bij elkaar: een onderneming die zonder de DGA kan functioneren, is klaar voor de volgende fase.

Categorieën
Boekhouding & Administratie Ondernemersadvies & Coaching Software & koppelingen

AI gebruiken in je bedrijf? Dit moet je vastleggen voor 2026

Laten we eerlijk zijn. De meeste mensen in Nederland hebben van AI gehoord. Veel werknemers gebruiken het zelfs al, soms zonder dat de baas het weet. Een mail schrijven met ChatGPT, een offerte aanvullen met AI of klantdata analyseren met slimme software: het gebeurt vaker dan je denkt. Dus als je hoort dat er regels aankomen voor het gebruik van AI, dan is het tijd om als mkb’er aan de slag te gaan.

Inhoudsopgave

Hoeveel AI wordt er eigenlijk al gebruikt?

Volgens recent onderzoek van het CBS (2025) gebruikt ongeveer 19% van de Nederlandse bedrijven kunstmatige intelligentie. Grotere bedrijven lopen daarin voorop, vooral in de ICT- en zakelijke dienstverlening. Ongeveer 29% van de bedrijven overweegt AI te gebruiken. De meeste mkb-bedrijven bevinden zich dus nog in de verkennende fase, vaak zonder duidelijk beleid of vastgelegde afspraken. Dat percentage ligt lager dan eerdere schattingen, zoals de Exact MKB Barometer 2025, die meldde dat één op de drie bedrijven AI inzet. Hoe dan ook, de trend is duidelijk: AI vindt snel zijn weg naar het mkb, maar de voorbereiding blijft achter.

Kort gezegd: AI is al overal, maar de spelregels ontbreken nog bij de meeste bedrijven.

Wat is de AI Act en waarom telt het voor mkb

De AI Act is geen ver-van-je-bed show meer. Vanaf augustus 2026 gelden de eerste verplichtingen voor bedrijven die AI gebruiken. Dat raakt ook mkb’ers. Niet omdat ze met robots werken, maar omdat veel tools die je dagelijks gebruikt, zoals HR-software, chatbots en facturatiesystemen, AI bevatten. En dat betekent vastleggen, onderbouwen en toezicht houden.

De Europese AI Act is de eerste wet ter wereld die regels stelt aan het gebruik van kunstmatige intelligentie. Het idee is dat AI veilig, transparant en controleerbaar moet blijven. De wet kijkt niet naar de technologie zelf, maar naar hoe jij die inzet. Gebruik je AI bij sollicitaties, kredietbeoordeling of klantselectie? Dan val je onder de zogeheten ‘hoog-risico’ toepassingen.

Ook als je alleen een AI-chatbot gebruikt of teksten laat genereren met AI, gelden regels. Je moet laten zien dát je AI inzet en hoe. Die transparantieplicht geldt al vanaf 2025.

Kort gezegd: de AI Act draait om verantwoordelijkheid. Niet om innovatie afremmen, maar om grip te houden op wat slimme software doet in jouw bedrijf.

Wat je als mkb’er moet vastleggen

Veel mkb-bedrijven gebruiken AI zonder dat ze het doorhebben. Denk aan processen die deels automatisch verlopen of waar software zelf keuzes maakt. Het risico is dat je niet meer weet welke beslissingen door AI worden genomen. Daarom verplicht de AI Act dat bedrijven vastleggen:

  1. Waar AI wordt gebruikt per proces of systeem.
  2. Welke data worden verwerkt en hoe die beveiligd zijn.
  3. Wie verantwoordelijk is voor toezicht en foutafhandeling.
  4. Wat de menselijke rol is en wie mag ingrijpen als AI iets fout doet.
  5. Hoe je mensen informeert als AI wordt ingezet, bijvoorbeeld bij klanten of sollicitanten.

Dat hoeft geen boekwerk te zijn. Een overzicht in je administratie, vergelijkbaar met een verwerkingsregister bij de AVG, is vaak genoeg. Belangrijk is dat het actueel is en dat je kunt aantonen dat je erover hebt nagedacht. En voor wie van efficiëntie houdt: laat AI gerust helpen bij het opstellen van dat overzicht, zolang jij degene bent die de cijfers blijft begrijpen én de knoppen bedient.

De planning: niet wachten tot 2026

De AI Act wordt stap voor stap ingevoerd. Vanaf augustus 2025 gelden transparantie-eisen voor generatieve AI. Een jaar later volgen de regels voor hoog-risico-systemen. Dat lijkt ver weg, maar veel verplichtingen vragen voorbereidingstijd.

Begin dit jaar nog met drie stappen:

  1. Inventariseren
    Breng in kaart waar AI in je organisatie aanwezig is. Dat kan in je boekhouding zijn, je CRM, HR of zelfs in je website.
  2. Beleid schrijven
    Stel vast waarvoor je AI inzet en wie daar verantwoordelijk voor is. Noteer ook wat je níet met AI doet.
  3. Transparantie regelen
    Laat klanten of medewerkers weten wanneer ze met AI te maken hebben. Dat kan een simpele melding zijn bij een chatbot of formulier.

Waarom dit nú belangrijk is

De wet gaat verder dan IT. Ze raakt ook de administratie. Je moet kunnen aantonen dat je beleid hebt, dat je toezicht houdt en dat je data veilig verwerkt. Dat vraagt om structuur in je documentatie, niet om dure software.

Wie nu begint, heeft straks rust. Je voorkomt paniek op het moment dat leveranciers, klanten of de Belastingdienst vragen: ‘Gebruik jij AI, en hoe borg je dat?’

De rol van CijferAdvies

Wij helpen ondernemers al met hun administratieve basis. Daar past dit perfect bij. Want een goed bijgehouden administratie is niet alleen handig voor de fiscus, maar ook voor je AI-dossier. We helpen je vast te leggen wat nodig is, hoe je processen borgt en hoe je verantwoord digitaliseert. Voor technische of juridische diepgang werken we samen met specialisten uit ons netwerk.

En daarna?

De AI Act is het begin. Als je de basis goed vastlegt, kun je daarna verantwoord doorgroeien. Slimmer werken met data, zonder risico’s te negeren. Zo maak je van digitalisering geen bedreiging, maar een bouwsteen voor groei.

Categorieën
Automatisering van de boekhouding Groei & strategie Nieuws Software & koppelingen

Heb jij je basisdigitalisering al op orde?

Je hoort vaak over AI of big data. Maar voor de meeste mkb’ers begint vooruitgang met de basisdigitalisering. Uit onderzoek blijkt dat maar tien procent van de bedrijven klaar is voor e-facturatie via PEPPOL. Veel ondernemers gebruiken ook nog geen extra beveiliging zoals inloggen met twee stappen of regelmatige back-ups. Dat laat zien dat de basis vaak ontbreekt. En juist die basis maakt je werk simpeler. Denk aan facturen die meteen in je boekhouding staan, een bankkoppeling die je direct inzicht geeft in je geldstromen en documenten die netjes en veilig zijn opgeslagen. Zonder die basis verlies je tijd, maak je sneller fouten en raak je grip kwijt. Met de basis op orde werk je sneller en met meer rust. In dit artikel lees je wat basisdigitalisering inhoudt, waarom het nu belangrijk is en hoe je binnen drie maanden stappen kunt zetten.

Inhoudsopgave

Wat is basisdigitalisering?

Het is de digitale basis van je bedrijf. Denk aan facturen die automatisch doorlopen naar je boekhouding, een bankkoppeling die je saldo en betalingen meteen laat zien en documenten die veilig en centraal staan. Geen losse Excelbestanden of papieren mappen meer, maar systemen die samenwerken en elkaar versterken. Dat geeft overzicht, minder fouten, meer snelheid en grip op je cashflow.

Waarom nu? Marges zijn krap en personeel schaars. Iedere minuut telt. Klanten en leveranciers verwachten dat je digitaal werkt en de overheid stelt eisen aan e-facturatie en beveiliging. Zonder een stevige basis loop je risico op fouten, uitval of een datalek. Met de basis op orde voorkom je dat en leg je het fundament om verder te groeien.

Wat dit betekent in de praktijk

Stel dat je zonder basis werkt. Je stuurt facturen als pdf per mail. Je boekhouder tikt alles over. Je moet elk bedrag nalopen. Leveranciers sturen nog op papier. Je hebt geen overzicht op wat er openstaat. Bankmutaties verwerk je handmatig. Ondertussen draait een systeem op een oude versie en back-ups werken niet meer. Eén hack en je ligt dagen stil.

Met de basis geregeld gaat het anders. Je factuur loopt via PEPPOL, de boekhouding verwerkt dit direct, documenten staan centraal en op een logische plek opgeslagen, salarissen kloppen en je administratie daardoor ook en KPI’s zijn zichtbaar. Je systemen zijn beveiligd met back-ups en veilig inloggen. De foutgevoeligheid daalt, je werkt sneller en je cashflow is duidelijker dan ooit.

Het verschil merk je meteen: tijdwinst, minder kosten door fouten, tevreden klanten en minder kans op boetes.

De bouwstenen die je nodig hebt voor basisdigitalisering

  1. E-facturatie via PEPPOL – een Europees netwerk dat zorgt dat facturen veilig en automatisch in het juiste systeem belanden. Pdf-facturen voldoen straks niet meer.
  2. Bankkoppeling – betalingen worden direct verwerkt in je administratie.
  3. Salaris en HR-basis – contracten, verlof, verzuim en urenregistratie digitaal geregeld.
  4. Documentbeheer met versiebeheer – dit werkt meestal via de cloud of een gedeelde digitale omgeving. Je werkt altijd met het laatste document, oudere versies blijven bewaard en je ziet wie wat heeft aangepast. Zo voorkom je dubbel werk en fouten.
  5. Digitale boekhoud- en btw-workflow – facturen en bonnetjes gaan direct de administratie in, btw-aangiftes worden automatisch voorbereid en controles zijn eenvoudiger. Dat scheelt veel handmatig werk en verkleint de kans op fouten.
  6. Basis cyberveiligheid – veilig inloggen met twee stappen, automatische back-ups, tijdige updates, sterk wachtwoordbeleid en beveiliging van je e-mail (SPF, DKIM en DMARC). Dat verkleint de kans op hacks en datalekken aanzienlijk.
  7. Dashboards met KPI’sdirect inzicht in omzet, marge en cashflow.
  8. AVG en privacyregels – zorg dat alleen de juiste mensen toegang hebben, leg vast wie welke gegevens mag zien en bewaar documenten niet langer dan nodig. Maak duidelijke afspraken met medewerkers en leveranciers. Zo voldoe je aan de wet en bescherm je de gegevens van klanten en personeel.

Deze acht vormen samen je fundament.

Zo zet je stappen in basisdigitalisering in 30, 60 en 90 dagen

Na 30 dagen

We starten met de basis. Wij zorgen dat je facturatie via E-boekhouden goed loopt en dat facturen automatisch worden verwerkt. Ook koppelen we je bank aan het boekhoudprogramma zodat betalingen automatisch goed geboekt worden en je administratie klopt. In deze fase leren we je ook hoe je bonnen met de app inschiet en hoe je facturen direct vanuit E-Boekhouden verstuurt. Daarmee staat de kern van je administratie stevig.

Na 60 dagen

Samen met JiglerHR kunnen we regelen dat contracten, verlof, verzuim en urenregistratie digitaal lopen. Het organiseren van documenten in een cloudomgeving doe je zelf, wij adviseren je natuurlijk graag over de keuzes die er zijn. Zaken als veilig inloggen en back-ups pak je in deze fase ook op. Wij bouwen daarnaast de eerste dashboards zodat je snel inzicht krijgt in je cijfers.

Na 90 dagen

De koppelingen staan en het fundament is grotendeels klaar. Wij verfijnen de automatisering in
E-boekhouden, zodat btw-aangiftes grotendeels klaarstaan. Je krijgt van ons periodieke rapportages via onze tooling. Een check op cyberveiligheid en afspraken rond AVG en privacy zou je nu kunnen oppakken. Wij kunnen je de kaders geven, maar jij zorgt dat de maatregelen worden uitgevoerd. Zo kun je veilig verder groeien en houd je grip op je processen en cijfers.

In drie maanden heb je zo een stevig fundament. Stap voor stap, waarbij duidelijk is wat wij oppakken en wat je zelf moet regelen.

Risico’s en hoe je ze voorkomt

  • Slechte koppelingen – werk met standaarden zoals PEPPOL en test of systemen goed samenwerken voordat je live gaat.
  • Onvoldoende kennis – laat je begeleiden zodat systemen goed zijn ingericht en medewerkers weten hoe ze ermee werken.
  • Geen onderhoud – updates en back-ups moeten een vast onderdeel van je routine zijn. Plan dit in en check of het echt gebeurt.
  • Alles tegelijk willen – dat leidt tot chaos. Zet liever kleine stappen en borg elke stap voordat je doorgaat.
  • Privacy vergeten – regel toegangsrechten en logins zorgvuldig. Zorg dat documenten niet voor iedereen zichtbaar zijn en dat wachtwoorden sterk en uniek zijn.
  • Onduidelijke afspraken – maak intern afspraken wie verantwoordelijk is voor beveiliging en beheer, zodat niets blijft liggen.
  • Te weinig testen – probeer systemen uit met een proefperiode of testomgeving, zodat fouten boven water komen voordat ze impact hebben.

Wat dit fundament mogelijk maakt

Basisdigitalisering gaat in ons verhaal vooral over de administratieve kant van je bedrijf. Denk aan facturatie, boekhouding, rapportage en de koppeling met je bank. Als dat klopt, heb je grip op je cijfers en staat er een stevig fundament. Maar dit is niet je hele organisatie. Afhankelijk van je bedrijf kun je daarna nog veel meer digitaliseren: van planning in de bouw tot voorraadbeheer in retail, of reserveringssystemen in de reisbranche.

Wij beginnen bij je administratie, want vanuit daar kijken wij naar je hele bedrijfsvoering. Maar niemand kent jouw bedrijf beter dan jijzelf. Misschien zie je kansen bij marketing. Of ontdek je dat je webshop beter kan draaien met digitaal voorraadbeheer. Daar denken we graag over mee. Soms schuiven we met een Associate Partner aan tafel, want in ons netwerk zit op elk vlak wel een specialist. Er zijn dus meer kansen dan je denkt. Belangrijk is dat je begint en een plan maakt. Doe niet alles tegelijk, maar zet een sterke basis neer.

Categorieën
Boekhouding & Administratie Nieuws Salarisadministratie

Loonadministratie voor het mkb – CijferAdvies en JiglerHR bundelen krachten

Ondernemers willen tijd winnen en minder risico lopen. Administratie, zeker de loonadministratie voor het mkb, wordt vaak ervaren als complex en tijdrovend. Fouten kunnen bovendien kostbaar zijn. Daarom hebben wij de samenwerking gezocht met JiglerHR. Samen regelen we de loonadministratie voor het mkb slimmer: meer grip, realtime inzicht via een app en meer service voor dezelfde kosten. Juist nu mkb’ers vaker groeien en personeel aannemen, loont dat direct. Het geeft ondernemers rust en ruimte om zich te richten op hun bedrijf.

Inhoudsopgave

Waarom JiglerHR voor loonadministratie in het mkb?

JiglerHR ondersteunt bedrijven met salarisadministratie, HR-advies, verzuim en juridisch werkgeverschap. Hun belofte is eenvoudig: dezelfde kosten, meer service. Ondernemers hoeven zich niet meer bezig te houden met loonstroken, cao-wijzigingen of verzuimprocedures. Dat betekent meer tijd en aandacht voor de kern van het bedrijf.

CijferAdvies kiest voor JiglerHR omdat deze aanpak perfect aansluit bij onze manier van werken: praktisch, duidelijk en gericht op de ondernemer. Door deze samenwerking kunnen wij mkb’ers naast de cijfers ook op personeelsgebied vooruithelpen.

Bijeenkomst bij Kegel Spirits

De samenwerking werd bekendgemaakt tijdens onze bijeenkomst bij klant Kegel Spirits in Stroe. Een inspirerende plek, waar we samen met onze vestigingsleiders in gesprek gingen over ondernemen, groei en de uitdagingen die daarbij horen. Tussen de ketels en de dennenappels vertelde oprichter Joost zijn ondernemersverhaal.

Tijdens die bijeenkomst presenteerde JiglerHR zichzelf aan ons netwerk. Zij lieten zien hoe ze ondernemers compleet ontzorgen op het gebied van loonadministratie en HR. Daarbij werd ook hun digitale aanpak benadrukt: een gebruiksvriendelijke app waarin werkgevers en werknemers eenvoudig gegevens kunnen raadplegen en mutaties doorgeven. Dankzij deze digitalisering wordt de loonadministratie voor het mkb niet alleen sneller en foutloos verwerkt, maar hebben ondernemers altijd realtime inzicht. De reacties waren positief: herkenbare knelpunten werden direct gekoppeld aan concrete oplossingen. Zo werd meteen duidelijk wat goede loonadministratie en digitale tooling in de praktijk opleveren.

Wat speelt er bij mkb’ers?

Tijdens de bijeenkomst oefenden we met een praktijkcase om dit soort vraagstukken te verkennen. Daarbij namen we ook de actualiteiten van Prinsjesdag en de verplichtingen rond de Wwft mee. Juist in gesprekken met ondernemers komt naar voren waar de pijnpunten zitten. Eenmanszaken en kleinere bv’s worstelen vaak met vragen als:

  • Wanneer schakel je van eenmanszaak naar bv?
  • Wat betekent personeel aannemen voor je loonadministratie en je risico’s?
  • Hoe houd je overzicht in arbeidscontracten, verzuim en secundaire voorwaarden?

Zonder goede begeleiding loop je al snel tegen fouten aan. Denk aan onjuiste loonstroken, gemiste subsidies of fiscale voordelen. Of een te late reactie bij langdurig verzuim. Fouten die niet alleen geld kosten, maar ook vertrouwen bij medewerkers kunnen schaden.

Een case uit de praktijk

Stel: een eenmanszaak wil doorgroeien. Personeel aannemen lijkt aantrekkelijk, maar roept veel vragen op. Kies je voor een bv? Hoe dek je risico’s af? Welke verplichtingen komen erbij kijken?

Samen met onze vestigingsleiders onderzochten we welke stappen nodig zijn en hoe een CijferAdviseur dit traject begeleidt. Het werd vooral duidelijk dat goed luisteren naar de klant de sleutel is. Ondernemers geven vaak zelf al signalen af over hun plannen en zorgen. Onze taak is die signalen te herkennen, de risico’s te benoemen en daar onze waarschuwingsplicht in te vervullen.

We kijken daarom graag mee naar de gehele bedrijfsvoering. Waar wij de financiële kant inzichtelijk maken, zorgt een Associate Partner zoals bijvoorbeeld JiglerHR dat de loonadministratie en personeelszaken strak geregeld zijn. Zo vullen we elkaar aan. Dankzij onze Associate Partners kunnen we ondernemersvragen breder oppakken en oplossen, zodat binnen CijferAdvies altijd een compleet antwoord beschikbaar is.

Wat levert betere loonadministratie voor het mkb op?

De samenwerking met JiglerHR levert mkb’ers direct voordeel op. In de brief die wij hierover eerder naar onze klanten stuurden, noemden we onder andere dat ondernemers profiteren van duidelijke communicatie, realtime inzicht via een app en korte lijnen met specialisten. Alles draait om gemak: minder tijd kwijt aan administratie en meer zekerheid dat zaken goed geregeld zijn.

  • Meer tijd: geen gedoe meer met salarisadministratie of personeelsdossiers.
  • Minder risico’s: verzuim en juridische zaken zijn professioneel geborgd.
  • Meer overzicht: één aanspreekpunt voor cijfers én HR.
  • Realtime inzicht: via de app heb je altijd actuele gegevens bij de hand.
  • Zelfde kosten, meer service: je krijgt meer voor hetzelfde bedrag.

Praktisch voorbeeld: een ondernemer die groeit van eenmanszaak naar een team van vijf. Met CijferAdvies en JiglerHR heeft hij inzicht in de fiscale gevolgen, een sluitende loonadministratie en grip op contracten en verzuim. Zo kan hij doorgroeien zonder wakker te liggen van de administratie.

De rol van CijferAdvies

Bij CijferAdvies zien we dat cijfers pas waarde krijgen als je ze koppelt aan de echte vragen van ondernemers. Dat geldt ook hier. Wij signaleren wanneer een eenmanszaak beter kan overstappen naar een bv, of wanneer een ondernemer HR-ondersteuning nodig heeft. Dankzij ons netwerk – nu versterkt met JiglerHR – krijgt iedere ondernemer een compleet advies. Van belastingadvies tot loonadministratie, van groeistrategie tot personeelsbeleid.

Samen verder

De samenwerking met JiglerHR is meer dan een uitbreiding van onze dienstverlening. Het is een stap vooruit in onze missie: ondernemers ontzorgen en helpen groeien. Of je nu startend zzp’er bent of al een team hebt opgebouwd: met CijferAdvies en JiglerHR staat er een sterk fundament achter je onderneming—waaronder een toekomstbestendige loonadministratie voor het mkb.

Categorieën
Branchegerichte boekhouding Nieuws Omzetbelasting & btw

Reisbureauregeling btw toepassen zonder stress

Reizen verkopen is een vak. Maar winst houden aan het eind van de rit? Dat lukt alleen als je ook je btw slim regelt. Daar komt de reisbureauregeling bij kijken, ook wel bekend als TOMS. Die regeling bepaalt hoeveel btw je moet afdragen over samengestelde reizen. In theorie lijkt het een eenvoudige oplossing, maar in de praktijk raak je al snel verstrikt in uitzonderingen, grijze gebieden en risico’s. En vergis je niet: zelfs ervaren ondernemers maken hier fouten, vaak zonder het te merken. Tot de naheffing op de mat valt. Of de marge ineens verdampt. In dit artikel laten we je zien hoe je dat voorkomt. Je krijgt zeven concrete controles waarmee je je marge beter beschermt én grip houdt op je btw. Praktisch, herkenbaar en zonder droog geneuzel.

Inhoudsopgave

Waarom dit nú telt voor de reisbranche

Je organiseert een reis naar Italië. Alles klopt: de locaties, het vervoer, de sfeer. De klant is enthousiast, jij tevreden. Totdat je de administratie opent en je afvraagt of je alles wel goed hebt geregeld. Moet je btw rekenen over de hele reissom? Mag je iets aftrekken of juist niet? En hoe ga je om met dat ene deel van de reis dat buiten de EU valt?

Op dat moment stap je in de wereld van de reisbureauregeling. Ook wel TOMS genoemd. Een regeling die je marge stilletjes kan aantasten als je de regels niet precies volgt. Maar wie weet waar je op moet letten, voorkomt fouten en houdt meer over.

Wat is TOMS in gewone taal?

TOMS betekent dat je btw betaalt over de marge, niet over de hele reissom. Die marge is het verschil tussen wat je klant betaalt en wat jij inkoopt aan reisdiensten. Je mag de btw op die inkoopkosten niet terugvragen. Op andere kosten, zoals marketing en kantoor, meestal wel. Op je factuur zet je geen btw-bedrag, maar wel de tekst: ‘bijzondere regeling reisbureaus’. De reisbureauregeling geldt alleen als je op eigen naam verkoopt, als de klant een reiziger is (ook een bedrijf), en als de dienst direct voor die reiziger bedoeld is. Op papier lijkt het duidelijk, maar in de praktijk zie je snel iets over het hoofd.

7 slimme controles die je marge beschermen

1. Verkoop je op eigen naam, of bemiddel je?

Dit lijkt een detail, maar het verschil is groot. Als je op eigen naam verkoopt, val je onder de reisbureauregeling. Bemiddel je alleen? Dan gebruik je de normale btw-regels. En dat verschil telt. Foute etiketten leiden tot foute aangiftes. Soms betaal je te veel, soms te weinig. Beide kosten je geld of leveren risico op.

2. Is je klant een ‘reiziger’?

Veel ondernemers denken dat TOMS alleen voor consumenten geldt. Maar ook een bedrijf, zoals een ander reisbureau, kan als ‘reiziger’ worden aangemerkt. Het gaat erom voor wie de dienst bedoeld is. Niet om wat voor soort klant het is.

3. Welke marge-aanpak gebruik je?

Je mag kiezen: bereken je de marge per kwartaal of per individuele reis? De keuze moet je vastleggen, en geldt dan vijf jaar. Kies je voor de tijdvakmethode? Dan mag je negatieve marges binnen hetzelfde jaar verrekenen. Bij de per-reismethode mag dat niet. Denk dus goed na over wat past bij jouw bedrijf.

4. Heb je EU en buiten-EU goed verdeeld?

Een reis naar Noorwegen is iets anders dan een trip naar Parijs. In de btw maakt dat veel uit. Het deel binnen de EU belast je met 21%. Het deel buiten de EU valt vaak onder 0%. De verdeling moet je onderbouwen met locaties, routes en bijvoorbeeld tickets.

5. Wat regel je zelf, en wat koop je in?

Als je zelf een busreis of hotel verzorgt, valt dat onder de gewone btw-regels. Alleen het deel dat je inkoopt, valt onder TOMS. Splits je aanbod dus duidelijk. Wat doe je zelf? Wat besteed je uit? En hoe verwerk je dat in je administratie?

6. Trek je niet per ongeluk verkeerde btw af?

Je mag de btw op ingekochte reisdiensten niet aftrekken. Die zit namelijk al in je winstmarge, en daarover draag je btw af via de TOMS-regeling. Maar let op: dat geldt niet voor ál je kosten. Uitgaven voor je kantoor, je boekhoudpakket of je marketingcampagne vallen daarbuiten. Daarover mag je btw meestal wél terugvragen. Juist daarom is het belangrijk dat je inkoopfacturen goed zijn gescheiden. Wat valt onder de reisdienst voor de klant? En wat is overhead? Die scheidslijn bepaalt wat je mag terugvorderen en wat niet.

7. Vermeld je de juiste informatie op je factuur en draag je op tijd btw af?

Op je factuur aan de klant mag géén btw-bedrag staan. Maar wél de tekst: “bijzondere regeling reisbureaus”. En let op met vooruitbetalingen. Als de dienst dan al voldoende duidelijk is, moet je de btw misschien al afdragen. Ook al is de reis nog niet begonnen. Mis je dat? Dan ligt een naheffing op de loer.

Praktijkvoorbeelden die je herkent

Concrete situaties zeggen vaak meer dan regels. Daarom hieronder vijf voorbeelden vanuit de reisbureauregeling die je waarschijnlijk herkent of binnenkort zelf tegenkomt.

Rekenvoorbeeld bij de tijdvakmethode

Je verkoopt in het eerste kwartaal reizen voor €25.000 (inclusief btw). De inkoop van die reizen kostte je €20.000. Dat betekent een marge van €5.000. Over dat bedrag bereken je btw: 21/121 van €5.000 is €868. Voor reizen buiten de EU geldt meestal 0%, dus dat deel sluit je uit. Heb je negatieve marges? Die mag je bij deze methode binnen hetzelfde kalenderjaar verrekenen.

Een deels zelf georganiseerde reis

Je regelt een pakketreis van €3.000. Daarin verzorg je het busvervoer zelf en huur je de hotels in. De hotelkosten bedragen €1.800. Je eigen vervoer waardeer je op €545. Dan blijft er €655 over aan marge op de ingekochte reisdiensten. Dat is het bedrag waarover je btw moet afdragen. De rest valt onder de normale btw-regels.

Bestemming buiten de EU: Noorwegen

Je organiseert een reis naar Noorwegen, met ook wat tussenstops in de EU. Dan moet je je marge verdelen. Het EU-gedeelte belast je met 21%, het Noorwegen-gedeelte valt onder 0%. Die verdeling moet je goed onderbouwen: met boekingen, routes en ticketdata. Zonder bewijs geen 0%.

Werk je als bemiddelaar? Dan geldt TOMS niet voor jou

Je werkt als zelfstandig reisadviseur en bemiddelt een Canada-reis voor een grote touroperator. Jij valt dan niet onder de reisbureauregeling, maar onder de normale btw-regels. De touroperator geeft aan dat je je vergoeding moet splitsen: 70% belast met 0%, 30% met 21%. Die verdeling neem je over op je factuur.

Annuleringen en no-shows: verschil zit in het moment

Een klant annuleert vóór vertrek. Dan hoef je géén btw te rekenen over de vergoeding. Maar komt iemand niet opdagen of zeg je pas na aanvang af? Dan wél. De btw hangt dus af van het exacte moment van annuleren. Zorg dat je voorwaarden dat ondersteunen – dat voorkomt discussies bij controle.

Wat als het toch misgaat?

Een onjuiste verdeling tussen EU en buiten-EU-delen, of het onterecht aftrekken van voorbelasting, kan je marge flink aantasten. En de Belastingdienst kijkt mee. Heb je een verkeerde factuur uitgereikt of het verkeerde moment van afdracht gekozen? Dan kan er zomaar een naheffing volgen, met rente én boete. En vergeet niet: de keuze voor je margeaanpak geldt minimaal vijf jaar. Geen ruimte dus om zomaar te wisselen als je erachter komt dat het toch beter anders kon.

Zo helpt CijferAdvies jouw reisbedrijf

We weten hoe weerbarstig de reisbureauregeling kan zijn. Daarom denken we graag met je mee. Soms is een korte blik op je margeberekening al genoeg om rust te brengen in je aangifte. In andere gevallen helpt het om je grootboek slim in te richten, zodat je precies weet welk deel van je omzet onder TOMS valt en wat juist niet. We kunnen meekijken met je facturen of voorstellen doen voor betere contractteksten. En werk je met voorschotten of reiscombinaties? Dan zorgen we voor een heldere onderbouwing. Geen standaardoplossingen, maar maatwerk dat past bij hoe jij werkt. Dat maakt het verschil. Op papier én in je portemonnee.

Wil je weten hoe jouw TOMS-regeling ervoor staat?

Plan een kennismakingsgesprek. We kijken vrijblijvend met je mee en laten je zien waar je kansen en valkuilen zitten. Of het nu gaat om je marge-aanpak, de verdeling tussen EU en buiten-EU of de inrichting van je administratie. Je krijgt altijd een concreet beeld van wat beter kan.